Epilepsie als motor voor dans en dialoog
Choreograaf Sandrine Wouters vertelt met ‘ Even weg’ over een persoonlijke ervaring met epilepsie. Het stuk wil een breed publiek aantrekken en krijgt in Boom ook een plek in het scholenprogramma. Samen met Valentine Raeman, jeugdprogrammator van het cultuurcentrum in Boom, vertelt ze over de uitdaging om dans toegankelijk te maken voor een jong publiek, de nood aan representatie en de kracht van beweging die blijft hangen.
Hoe kwam je bij het thema epilepsie terecht?
Sandrine: “Dat ontstond vanuit een persoonlijke ervaring. Mijn neefje kreeg op zijn derde een zware epilepsieaanval: schuimbekken, schokken en bewustzijnsverlies, het hele pakket. Heel ingrijpend. Ik voelde de nood om daar iets artistieks mee te doen. Ten eerste om het zelf te verwerken, maar ook om er een platform rond te creëren. Epilepsie is een onzichtbare realiteit waar weinig over gesproken wordt. Via Code Dans + (red. financieel en artistiek ondersteuningsproject van Danspunt) kreeg ik de kans om mijn concept uit te werken.
“Ik vertrek niet vanuit het nabootsen, wel vanuit de fysieke en emotionele lading die erbij komt kijken. Het repetitieve, het vermoeiende, het opschroeven van ademhaling en intensiteit: dat vind ik interessant en ontzettend krachtig om uit te voeren.”
De voorstelling wordt ook als schoolvoorstelling geprogrammeerd. Hoe kijk je daar naar?
Sandrine: “Een uitdaging! Ik wil sowieso werk maken dat voor een breed publiek toegankelijk is, maar nu hou ik er expliciet rekening mee dat er ook voorstellingen zijn waarbij er kinderen in de zaal zullen zitten. Dans is niet altijd makkelijk om te begrijpen, dat merkte ik zelf al toen ik ging studeren. Ik hoop dat jongeren geprikkeld raken door de snelle, dynamische bewegingen. Om dat te ondersteunen ga ik in elke klas vooraf een workshop geven. Zo maken we samen spelenderwijs kennis met beweging en fragmenten uit de voorstelling. Op die manier herkennen ze iets op scène en voelen ze zich meer betrokken. Ik wil ook dat de muur tussen podium en publiek verdwijnt: wij staan wel op een scène, maar we zijn evenzeer gewone mensen met wie je achteraf kan praten.”
Waarom is die omkadering belangrijk?
Valentine: “Omdat niet alles werkt voor een jong publiek. Een monoloog van een uur of een te volwassen verhaal raakt hen niet. Mijn taak is om ervoor te zorgen dat leerlingen iets cultureels aangeboden krijgen waar ze ook effectief plezier aan beleven. De workshop en nabespreking maken dat de voorstelling niet zomaar iets is dat ze ondergaan, maar dat ze er actief bij betrokken zijn. Zeker in Boom, waar kinderarmoede hoog ligt, willen we cultuur toegankelijk maken voor iedereen. Dan is het extra belangrijk dat kinderen écht iets kunnen meenemen.
“Ik zoek altijd naar de link met de doelgroep. Ik weet wat er leeft bij jongeren, ook omdat ik zelf kinderen heb. Daardoor voel ik sneller aan wat werkt en wat niet. Het aanbod moet aansluiten bij hun leefwereld, maar zonder dat het geforceerd aanvoelt.”
Sandrine: “Kinderen kijken met een ander soort blik dan volwassenen. Waar volwassenen sneller de emotionele lagen lezen, zijn kinderen vooral bezig met wat er op scène gebeurt: het moet hen boeien. Daar hou ik rekening mee in de voorstelling, zonder dat ik het expliciet voor kinderen maak. Al probeer ik via de workshops en het nagesprek dan wel te zorgen dat ook de emotionele betekenis doordringt.”
Wat hoop je dat de kinderen uit de voorstelling halen?
Sandrine: “Ik vind het geweldig als ze stoer binnenkomen, maar op het einde met open mond zitten te kijken. Dat ze het nadien nadoen op de speelplaats, dat het blijft hangen. In de kern gaat de voorstelling ook over een kind: die jeugdigheid, speelsheid en dynamiek wil ik, naast het zware, repetitieve en uitputtende, laten zien.
Valentine: “Representatie is voor mij cruciaal. Kinderen moeten zichzelf herkennen op een podium. Alleen zo zien ze dat zij ook kunnen beginnen dansen, acteren of zingen. Ik hoop dat de dansmicrobe hen bijt en dat ze later opnieuw naar het cultuurcentrum komen. Ik ben ervan overtuigd dat Sandrine’s voorstelling daar een belangrijke rol in kan spelen.”
Sandrine: “Dat sluit eigenlijk ook aan bij mijn missie in het algemeen, al zou ik willen dat dat geen missie moest zijn. Ik wil dans toegankelijk maken voor iedereen en mensen in een theaterzaal krijgen die niks van dans kennen. Dans kan abstract zijn, ik begreep zelf vaak niet waar ik als publiek naar keek en dat terwijl ik dans studeerde. Hoe kan je dat dan verwachten van iemand die nooit met dans in aanraking komt? Ik wil die drempel wegnemen. Ik wil volwassenen kunnen raken met het verhaal dat ik vertel en jongeren inspireren om dans interessant te vinden en het zelf te gaan doen. En ik hou ervan om erover te praten: het subjectieve aan dans is net wat mensen samenbrengt.
‘Als de kinderen op de speelplaats nog na schudden en volwassenen naar huis gaan met een eigen visie op mijn verhaal, dan is mijn doel geslaagd. Want dan is dans meer dan een voorstelling en wordt het een dialoog dat blijft verder bewegen.
Even Weg gaat in première op 3 oktober in de Heilig Hart Kerk in Boom. Deze show is uitverkocht, maar tickets voor andere data vind je hier.