De inspiratiebronnen van Maxime Dehaeze
Elke maand vragen we een danser, maker of docent dans wie of wat hen inspireert. Deze keer gingen we in gesprek met Maxime Dehaeze, woonachtig in Gentbrugge. Ze volgde een naschoolse dansopleiding, maar mocht geen hogere dansopleiding aanvatten. In plaats daarvan koos voor een universitaire opleiding sportwetenschappen, met dans als belangrijk onderdeel. Wat aanvankelijk een omweg leek, werd uiteindelijk een eigenzinnig traject waarin artistiek en commercieel werk, lesgeven en creëren elkaar voortdurend kruisen.
In 2016 richtte ze haar eigen dansschool Allegro op, waaruit later Art Lab groeide: een dans-theaterproject met jongeren dat vandaag haar hoofdfocus vormt, met een tweejarig traject waarin onderzoek, creatie en podiumervaring centraal staan.
Werelden verbinden
Een belangrijke inspiratiebron voor mij zijn choreografen die verschillende werelden samenbrengen. Dana Foglia ontdekte ik toen ik ongeveer twintig was. Ik zag een video van haar werk en dat voelde op dat moment enorm vernieuwend. Haar hedendaagse achtergrond, gecombineerd met ‘feminine’ en ‘commercial dance’, sloeg meteen aan bij mij. Het is een klassevolle en elegante stijl. Wat ik bijzonder vind, is hoe zij moeiteloos het theatrale en het commerciële met elkaar verbindt. Ze choreografeerde voor artiesten als Beyoncé, maar werkt even goed met andere minder gekende dansgezelschappen.
Foglia heeft mij doen nadenken over de fusie van stijlen en contexten. Tijdens een stage in Los Angeles ben ik naar een try-out van haar werk gaan kijken. Dat was een moment waarop ik heel sterk voelde: dit is iets waarin ik mezelf zie dansen. Ik droom er nog steeds van om ooit stage bij haar te doen, dat was aan het begin van mijn carrière als uitvoerend danser, financieel niet haalbaar.
Ook Damien Jalet is een choreograaf die mij enorm inspireert, al ontdekte ik hem pas recent. Zijn werk is visueel overdonderend: alles klopt; van decor en styling tot het type dansers zelf. Wat ik vooral waardeer, is dat zijn werk toegankelijk blijft voor een breed publiek, zonder aan diepgang in te boeten. Een oud-leerling van mij heeft bij hem stage mogen lopen. Dat voedt mijn hoop om mijn dansers ooit echt mee te zien dansen in grote producties.
Leer, creëer en inspireer
Mijn grootste inspiratiebron bevindt zich heel dichtbij: mijn collega’s en dansers binnen Allegro en Art Lab. We werken aan voorstellingen die altijd het resultaat zijn van een samenwerking tussen minstens twee choreografen. Daarbij krijgen dansers echt de tijd en ruimte om zelf te creëren. Wat mij bijzonder raakt, is de diversiteit binnen de groepen: leeftijden van 13 tot 25 jaar, verschillende lichamen, achtergronden en perspectieven. Iedereen kijkt anders naar maken en naar hoe iets wordt overgebracht aan een publiek. Dat verrijkt het proces enorm.
Ik heb zelf een negatieve ervaring gehad binnen het danstheater en heb daaruit een duidelijke conclusie getrokken: die ervaring wil ik niet doorgeven. Integendeel, ik hoop mijn eigen leerlingen te inspireren door een veilige, open omgeving te creëren. Ik ben zelf heel gevoelig en empathisch, en voor mij wordt dans vaak een vorm van therapie. Als ik met grote vragen zit of me slecht voel, ga ik dansen. Ik maak vanuit een gevoel dat ik wil plaatsen; dans moet voor mij binnenkomen. Ik wil me kunnen verhouden tot het verhaal dat verteld wordt.
Natuur als ‘score’
Ik laat me sterk inspireren door de natuur en organische vormen. Fenomenen als orkanen, met hun spiraalvormige bewegingen, of de zee, met haar voortdurende golfbewegingen, fascineren mij. Vorige winter, in Costa Rica, bestudeerde ik de golven die met gelijktijdige structuur richting het strand rolden. Het viel me op hoe de wirwar van lianen in de jungle langzaam overgingen in het open strand. Die overgang tussen dichtheid en ruimte bijvoorbeeld neem ik dan mee in mijn choreografieën. Deze natuurlijke overgangen combineer ik ook graag met meer geometrische vormen.
Ik maakte ooit een stuk rond de vier seizoenen, waarbij ik werkte rond de herfst. Ik observeer hoe bladeren vallen, door de wind verplaatst worden en sporen nalaten in de ruimte. Die patronen teken ik uit en gebruik ik als ‘scores’ voor de dansers. Ook wanneer ik reis, neem ik altijd een schrift mee. Ik observeer wat ik zie en denk na over hoe ik die bewegingen kan vertalen naar dansende lichamen.
Ondersteuning
Via Art Lab ben ik ook sterk verbonden met Danspunt. Dankzij Maakplaats vonden we een structurele plek om te repeteren en te verdiepen. We hebben een vaste repetitiedag in Planeet Mars en om de twee maanden trekken we naar de studio’s van Danspunt voor intensives of bootcamps. Die momenten zijn voor mij essentieel: ze bieden niet alleen ruimte en tijd om te werken, maar ook ondersteuning en vertrouwen. Anja, coördinator bij Danspunt, heeft ons doorheen de jaren regelmatig geholpen met praktisch advies en administratieve begeleiding, wat het mogelijk maakt om onze werking duurzaam uit te bouwen. Die omkadering geeft me de rust om me te focussen op wat voor mij het belangrijkste blijft: creëren, begeleiden en inspireren.
Op 11 april presenteren we verschillende dansstukken in het CC van Merelbeke. Elk werk toont een ander artistiek onderzoek binnen Art Lab. Na de voorstelling krijgt het publiek net als de dansers een actieve rol: via een stemming wordt beslist welk stuk volgend seizoen verder uitgewerkt mag worden. Een gedeeld moment van kijken, kiezen en meebouwen aan wat nog komen zal!
Tekst: Judith Van Oeckel