BalhallaFestival: een internationaal succesverhaal
Michael Coene is naast zijn dagjob als ingenieur ook co-oprichter van Balhalla, een vzw die op regelmatige basis folkbals organiseert met live-muziek in het Paulushuis in Gent. Naast de maandelijkse bijeenkomsten is hij mede organisator van het BalhallaFestival: een internationaal balfolkfestival dat honderden mensen trekt van over heel Europa. We zaten met hem samen om te praten over zijn start als balfolkdanser, het prille begin van het festival en hun vrijwilligerswerking, en hoe een amateurkunstensubsidie het evenement naar een hoger niveau heeft kunnen tillen.
Hoe ben je in het balfolk-milieu terechtgekomen?
Ik zie mijzelf in de eerste plaats als een balfolk-danser, en Balhalla is voortgekomen uit het dansen zelf. Ik ben pas laat met dansen begonnen. Als student was ik actief in een studentenvereniging, waarbij ik hielp met de organisatie van allerhande evenementen, waaronder een internationale uitwisseling. Ik heb er handige skills geleerd die ik vandaag nog steeds gebruik! Na het studeren wilde ik die periode afsluiten, en was ik op zoek naar een sociale hobby, als counterbalance voor mijn IT job. Ik heb verschillende zaken geprobeerd, maar niets bleef hangen. Op dat moment heb ik bij Boombal eens een initiatie gevolgd, en het was liefde op het eerste gezicht! Balfolk is enorm sociaal en toegankelijk, dus het duurde niet lang voor ik me er thuis voelde. Niet alleen het verbindende aspect sprak me aan, maar ook de variatie in de dans: koppeldansen, groepsdansen, en zelfs daarbinnen telkens veel verschillen. Voor mij is dat een groot verschil met standaard social dances. Er zijn uptempo nummers, rustige songs, … Daarbovenop danst bijna niemand in balfolk met een vaste partner, wat je sneller aanzet om nieuwe mensen te leren kennen. Er is ook vrijheid om volledig je eigen ding te doen, zonder strakke regels te moeten volgen. Die mix vind ik fijn!
Hoe is de overgang van balfolkdanser naar co-oprichter verlopen?
In die periode ging ik dansen waar ik kon; zowel nationaal als internationaal. Maar ik merkte dat ik een bepaalde piek gemist had, waar er nog meer dansmogelijkheden waren voor balfolk. Des te vaker hoorde ik mensen zuchten hoe er vroeger meer te doen was. En dan begint het bij mij te kriebelen! Tijdens de COVID-periode heb ik dan een aantal balfolkdansers bij elkaar gebracht, en het idee gepitcht een nieuwe vzw op te richten. Samen met die kerngroep van een vijftal dansers hebben we gebrainstormd over mogelijke oplossingen die binnen de destijdse maatregelen mogelijk waren. Via via zijn we bij de Pauluszaal terechtgekomen, die open stonden voor een samenwerking: niets hield ons nog tegen, en onze allereerste bal was meteen volzet! Daarna zijn we met de maandelijkse bals gestart. Het doel van Balhalla was om balfolk weer naar die piek te brengen, niet om in concurrentie te gaan met andere organisaties. We willen enkel de frequentie van balfolkevenementen opdrijven: er is duidelijk vraag naar! Ondertussen hebben we vertrouwen opgebouwd bij onze achterban, en hebben we een vast publiek. Hoewel er telkens ook nieuwe mensen komen! Omdat elk bal wordt voorafgegaan door een dansinitiatie kunnen we het evenement ook laagdrempelig houden. Ook zijn de bals altijd met live muziek, en nemen sommige dansers hun eigen instrumenten mee, dus ontstaan er live jams. We zijn tevreden over hoe onze werking momenteel loopt, en kunnen rekenen op stabiliteit, waardoor er mogelijkheden zijn om risico’s te nemen, zoals het festival.
Hoe zijn jullie met het Balhalla Festival begonnen?
Bij Balhalla zijn we allemaal dansers die graag naar internationale balfolkfestivals gaan. Zo zijn we bijvoorbeeld gek op het Boombalfestival, een groot jaarlijks evenement wat echt een internationale trekpleister is. Ook in andere landen als Italië, Frankrijk, Polen, Tsjechië en Nederland zijn er festivals van verschillende schalen. Achter een aantal jaar groeide de ambitie om daar ons steentje bij te dragen. Op 3 jaar tijd hadden we ook een goede financiële basis opgezet, zodat we een buffer hadden om buiten onze jaarlijkse werking te gaan. Het idee was er, het geld was er, maar dan moesten we het nog organiseren. We merkten dat er in de winter een gaatje was in de internationale planning van balfolkfestivals, dus we hadden ons daarop gericht. Balhalla als vzw berust volledig op vrijwilligers, en dat wilden we doortrekken naar het festival. Dus begonnen we met rondvragen aan dansers die vaak naar internationale festivals gaan om te helpen, zodat we ons team kunnen versterken. Daarna is het alles concretiseren: prijzen, programmatie, locatie, …. We konden bij Danspunt terecht, en hebben onze eerste editie daar in de studio’s georganiseerd. We hadden weinig verwachtingen voor onze eerste editie, maar uiteindelijk was die volledig uitverkocht! Er waren zo’n 380 mensen, waarvan de helft internationale bezoekers waren uit meer dan 15 verschillende landen. Het was een groot succes!
Wat maakt Balhalla dan zo’n trekpleister?
Een dergelijk festival trekt mensen nu eenmaal aan: goede live muziek, initiaties en workshops, … BalhallaFestival is kortweg een goede instapper voor mensen die interesse hebben in folk, of dans in het algemeen. Er komt wel veel bij kijken: het duurt drie dagen, internationale bezoekers hebben accommodatie nodig, wij moeten een goede dansvloer en genoeg zitgelegenheden voorzien, … Je wil ook dat de bands die komen spelen van een hoog niveau zijn. Het internationale aspect is uiteraard ook een verkooppunt! Ik persoonlijk vind het net leuk om met mensen uit heel Europa te dansen, anderen genieten eerder van mensen uit andere culturen te ontmoeten: voor ieder wat wils! Een laatste puntje dat ons festival uniek maakt is het open podium: naast onze hoofdzaal verzorgen we een gratis programma aan (inter)nationale bands die een kans krijgen om repertoire uit te testen.
Een dergelijk festival trekt mensen nu eenmaal aan: goede live muziek, initiaties en workshops, … BalhallaFestival is kortweg een goede instapper voor mensen die interesse hebben in folk, of dans in het algemeen.
Hoe bouw je verder op een succesvol festival naar een tweede editie?
Vanaf de start was het de intentie om van het festival een jaarlijkse gelegenheid te maken. De bedoeling was om het telkens op dezelfde locatie te doen, zodat we de voorbereiding konden verbeteren, maar dat was helaas niet meer mogelijk. We moesten dus op zoek naar een nieuwe locatie. Er waren wel enkele voorwaarden: de locatie moet betaalbaar zijn, want we kunnen niet over budget gaan; liefst even groot of groter, want de eerste editie was uitverkocht en we zochten naar groeikansen; en er moet een goede dansvloer zijn - zonder is ons festival onmogelijk. En dat alles in Gent, want daar zijn wij gebaseerd. Uiteindelijk zijn we dan bij de hal van Sport Vlaanderen Gent terechtgekomen. Alles klopte, buiten een belangrijke factor: de blauwe linoleumvloer. Daar kan je niet op dansen! Na veel wikken en wegen hebben we beslist om een dansvloer te huren, maar daar hadden we meer budget voor nodig. De zaal is ook veel groter dan de studio van Danspunt, dus vanzelfsprekend komen er extra onvoorziene kosten. We hadden wel een buffer door onze maandelijkse bals, maar er is een verschil tussen een budget waarmee een festival kan doorgaan en een budget waarmee je een jaarlijks project kan uitbouwen. We zijn dan op de Vlaamse projectsubsidie voor de organisatie van een internationaal amateurkunstenproject gebotst, waar het BalhallaFestival perfect inpaste. Het festival valt buiten onze reguliere werking, heeft een internationale uitstraling, en past binnen de amateurdans. We hadden het voordeel dat we konden verwijzen naar de eerste editie met concrete voorbeelden: de helft van ons publiek is internationaal, alle tickets waren uitverkocht, … Van alle aanvragen in 2025 zijn er slechts vier projecten goedgekeurd, waar wij bij hoorden! We zijn enorm dankbaar, want door de subsidie konden we een dansvloer huren, meer bands programmeren, meer workshops organiseren, het open podium voorzien, en de aankleding naar een hoger niveau tillen. En opnieuw was het festival een groter succes dan we hadden durven dromen: we zaten aan 670 bezoekers, wat bijna het dubbele was van de eerste editie!
Jullie werken met veel vrijwilligers. Hoe begin je daar aan?
Er zijn een aantal zaken die in ons voordeel spelen. We hebben ten eerste een sterk netwerk, met een lokale community die bereid staat te helpen. Daarnaast is folk een cultuur die op vrijwilligers berust, dus iedereen weet waar die aan begint. Daardoor kom je makkelijker aan een grote groep vrijwilligers die zich volledig smijten. Maar voor beide edities was dat niet genoeg geweest. Daarom hebben we ook internationaal naar vrijwilligers gezocht! Ongeveer de helft van onze vrijwilligers komt zo uit het buitenland. Ze zijn duurder dan een gemiddelde vrijwilliger - omdat je ze van accommodatie moet voorzien - maar ze zorgen voor een voelbare impact op de sfeer. In het totaal werkten we met ongeveer 130 vrijwilligers, en om hen aan te sturen bij op- en afbouw hebben we met een soort coördinatiestructuur gewerkt. Op termijn willen we daarin een routine opbouwen, waardoor sommige taken door minder personen uitgevoerd kunnen worden. Voorlopig hebben we daar minder aandacht aan besteed, maar het is mijn ambitie om de werking met mijn ingenieursblik scherp te stellen, wat aan heel het team meer vrijheid zal geven. Plus, het is ook voor iedereen fijner om coördinatietaken te verdelen, zodat het hele gebeuren niet zou instuiken mocht er iemand wegvallen.
Hoe zie je de toekomst van het festival?
De eerste stap is evalueren. Wat liep er fout? Wat kan er beter? We willen bijvoorbeeld meer inzetten op zitgelegenheden, en signalisatie sterker maken. Ook de totale organisatiestructuur in opbouw en afbraak kan geoptimaliseerd worden. Zo willen we de coördinatiestructuur voor de vrijwilligers meer naar het totale festival brengen. Ook hebben we opnieuw ingediend voor dezelfde subsidie, zodat we het evenement opnieuw naar een hoger niveau kunnen tillen. Het open podium willen we verbeteren door een spiegeltent te plaatsen, wat natuurlijk ook geld kost. Uiteindelijk wil je ook dat je bezoekers het verschil kunnen zien tussen opeenvolgende edities! We werken er volop aan om onze voorbereidingstijd zo scherp mogelijk te zetten, zodat er meer tijd vrijkomt voor andere dingen. Zo ben ik nu bijvoorbeeld bezig met het ontwikkelen van een app voor onze vrijwilligerswerking!
Als uitsmijter: wat zijn de 3 factoren waarop het succes van Balhalla berust?
Ten eerste de community: van vrijwilligers en dansers tot iedereen die ons festival nu al voor de derde keer mogelijk maakt. Ten tweede de laagdrempeligheid van balfolk: iedereen kan meedoen, en is altijd welkom. De derde factor is de bands: zonder onze fantastische live muzikanten zouden we niet kunnen bestaan.
Tekst: Bavo Sablon
BalhallaFestival organiseert haar derde editie van 26 februari tot 28 februari 2027 in Gent! Wil je er graag bij zijn?